NieuwsHUKAs

Fietsen in de zon in open gebied

Er is weinig aandacht voor zonbescherming van sporters . Hoogste tijd voor een dringend appèl op NOC*NSF om daar verandering in te brengen.

Buitensporters hebben een grotere kans op huidkanker.

Toen iemand vroeg naar een bekende Nederlandse sporter met huidkanker, kwam de naam van Thijsje Oenema (1988) als eerste naar boven. Voor de niet-schaatsers onder ons: haar in 2013 gereden 37,06 staat nog steeds in de boeken als Nederlands record op de 500 meter!  

Het was eerlijk gezegd ook de enige naam die opkwam. Eigenlijk is dat vreemd. Als één op de vijf Nederlanders vroeg of laat huidkanker krijgt mag je puur statistisch meer soortgelijke ‘coming outs’ verwachten. Van tennisellebogen en voetbalknieën tot wielrennershanden en andere shit; de medische doopceel van sporters wordt wel vaker te pas en te onpas uitgemeten in de pers of op social media.

Over huidkanker bij (oud)sporters horen of lezen we weinig. Pas met Google erbij komen ook voormalig voetbaltrainer Leo Beenhakker en - over de grens - oud wielrenner Luis Herrera als lotgenoten in beeld. Terwijl er best iets over te zeggen valt. We weten immers dat veel buiten sporten het risico op huidkanker verhoogt. En toch blijft het vrij stil, is er in de sport weinig structurele aandacht voor. Vet verbranden oké, maar je huid …? 

Thijsje Oenema déélde de strijd tegen in haar geval (uitgezaaide) melanoom, de meest agressieve vorm van huidkanker. Om daarmee andere jongeren bewust te maken van de risico’s van te veel zon en verbranding van de huid, de belangrijkste oorzaken van huidkanker. Melanoom staat in de top drie van de meest voorkomende vormen van kanker onder jongeren. Andere veel voorkomende vormen van huidkanker (basaalcel- en plaveiselcelcarcinoom) manifesteren zich doorgaans pas op latere leeftijd. De onderliggende huidschade door zon (of zonnebank) ontstaat ook hier vaak al vanaf jonge leeftijd.

Het appèl op NOC*NSF voor zonbescherming van buitensporters

Sinds kort maakt Thijsje deel uit van de atletencommissie van sportkoepel NOC*NSF. Deze commissie, aldus de website, “bewaakt de kwaliteit van voorzieningen en afspraken, lobbyt voor betere omstandigheden, is ambassadeur voor de topsport en signaleert kansen en bedreigingen.” Ik moest daaraan denken, toen op LinkedIn een persbericht langskwam over het meerjarenprogramma Gezonde Generatie. Een initiatief van twintig gezondheidsfondsen, waaronder KWF Kankerbestrijding, om ervoor te zorgen dat onze Nederlandse jeugd in 2040 de gezondste jeugd ter wereld is. Een initiatief dat nu ook - daarover ging het bericht - door NOC*NSF wordt omarmd.

Ook ik gun iedere jongere het plezier van de sport. Buiten sporten, überhaupt bewegen, is - fysiek, mentaal, sociaal - gezonder dan gamen achter een pc op een donkere zolderkamer. Geen discussie over mogelijk. Is sport daarmee een automatische garantie voor een gezonde leefstijl? Al eens beelden gezien van door verzengende hitte bevangen hardlopers, tennissers, wielrenners?

Tegen teveel zonkracht is geen sporter opgewassen. Alsof je zo de brandende hoogovens binnenloopt. Toch is dat precies waar onze sporters - ook de ‘gewone’ breedtesporters - uren, dagen en jarenlang aan blootstaan. De klimaatverandering doet er met alle plezier een schepje bovenop.

Zeker, er zijn voorbeelden van sportbonden of andere organisaties die blijk geven van enig bewustzijn van een probleem dat aandacht vraagt. Zo las ik dat zeilers en beachvolleyballers wordt geadviseerd preventieve maatregelen te nemen tegen zonschade, en dat hen jaarlijks een huidcheck wordt aangeboden. Willem II begon vorig jaar als eerste betaald voetbalorganisatie in Nederland rondom de trainingsvelden zonnebrandcrème dispensers op te hangen. Het lijken vooralsnog schaarse uitzonderingen.

Het Nederlands Tijdschrift voor Dermatologie en Venereologie besteedde afgelopen najaar aandacht aan wielrennen, een sport met toch een zekere historie van medische bemoeienis. In het voorwoord vraagt Mart Smeets zich af of die wielrenners die van alles innamen om harder te gaan ooit goed op hun huid letten, of er - in Smeets’ eigen woorden - iets “tegen die koperen ploert” wordt gedaan? Profwielrenners Jetse Bol en Laurens ten Dam (inmiddels gestopt, daarvoor ook rijdend voor een door een grote aanbieder van zonvakanties gesponsorde ploeg) geven in het daaropvolgende artikel meteen het ontluisterende antwoord. Ze zijn zich “nauwelijks tot niet” bewust van het verhoogde risico op huidkanker. Meer dan de ploegleider lijken het vooral de thuis achtergebleven vrouwen te zijn die aandringen op insmeren. “Ik kan dat alleen maar bevestigen”, grijnst hij (Bol) met enige ironie.

Een huidkankervrije generatie

Er is, kortom, nog wel wat te winnen aan adequate zonbescherming voor onze sporters, van recreatief tot olympisch niveau. Te bewaken, af te spreken, te lobbyen, te signaleren. NOC*NSF kondigt aan in het kader van de Gezonde Generatie een concreet programma te ontwikkelen voor een gezonde leefstijl met veel sport en bewegen. Wat mij betreft is het niet de vraag óf maar hoe structurele en serieuze aandacht voor preventie en vroege opsporing van huidkanker daarin aan bod komt. Zodat onze gezondste jeugd van 2040 ook een huidkankervrije generatie wordt.

 

Jos de Groot
Secretaris HUKAs